Verhalen lezen

De beschieting op Papendrecht - 1813

Ingezonden door: Bram Boerman.

Tijdens de oorlog in 1813 is de stad Dordrecht regelmatig beschoten door de Franschen. Dat er van Dordtsche kant ook geschoten is zal uit het volgende verhaal duidelijk worden.


Van de stadszijde werd geweldig geschoten. Het is dus zeer natuurlijk dat de huizen, de Trasmolen, enz. op den Veerdam van Papendrecht, alsmede de huizen op het dorp langs den dijk zeer veel van het geschut van den Dordtsche kant hebben te lijden gehad.


Voornamelijk werden op en Veerdam de huizing van v.d. Kevie, den pontschipper en de huizen van mejuffrouw van Wageningen, benevens haar Trasmolen zeer beschadigd en zijn verscheidene schrootkogels er in en door gevlogen zonder evenwel van binnen veel te vernielen, daar men in tijds de goederen had kunnen bergen. In het huis waar de molenaar van den Trasmolen woont is een 12 ponds kogel terecht gekomen. En van een schuurtje werden enige spanten van het dak afgeschoten, een kogel is er doorheen geslagen. Ook hebben de Franschen toen zij gingen retireeren nog een houwitser in den molen geworpen die in den molen ook gesprongen is, en waarvan verscheidene stukken zijn gevonden. In het huis van den molenaar werd een kogel geschoten die de gansche boel geruïneerd heeft, al de meubelen die te groot waren om geborgen te worden, zijn aan stukken geslagen.


De heer van Wageningen heeft meer dan 25 kogels, zowel groot als klein bijeen verzameld, die alle tegen het huis of den molen waren afgestuit of er in waren geschoten. Een 18 pondskogel zat nog in den molen en een 6 ponds is er doorheen gegaan. In den voorgevel van v.d. Kevie zaten nog twee kogels en verscheidene gaten zijn er in de muur een 3-ponder is recht door het huis gegaan en door een raam weer naar buiten waar hij smoorde.


V.dd Kevie, de schipper van het Ponteveer, werd genoodzaakt mede bij het kanon der Franschen te staan. Hij mocht zich volstrekt nergens achter verbergen en was dus evenals de meeste Franschen aan het hevige vuur van de stadskant blootgesteld. Zijn neef, tevens knecht op de pont, werd ook genoodzaakt om de Franschen te assisteren. Doch, zich meer onwillig toonende, ging hij achter den zwaren lindeboom staan voor het huis van zijn oom, waar hij door de douanen zeer mishandeld werd. Onder deze was een douaan, die hem in zeer slecht Hollandsch zeide "Kom hier Oranje donder blijf niet achter den boom, hier moet gij staan", en wilde hem er bij den arm vandaan trekken. Doch intusschen kwam er een kogel die den douaan midden door het lichaam ging zoodat hij naast den knecht dood ter aarde viel, de kogel zit nog bij v.d. Kevie in den muur.


De douaan werd dadelijk door zijn kameraden opgenomen en in een kruitwagen gelegd. De knecht heeft ook onmiddelijk 6 a 7 Franschen of Brabanders zien vallen door een schot dat van de stad gedaan werd, waarschijnlijk door hetzelfde schot hier voor beschreven. Ook al deze gesneuvelden werden in de kruitwagens geworpen en medegevoerd. V.d. Kevie en zijn neef hebben zeer veel geleden van de Franschen. Zij zijn eindelijk ontvlucht en moesten zich meer dan twee uren in een sloot in het buitenland tusschen de haven van Papendrecht en den Veerdam verborgen houden. Meer dan halverwege met het onderlijf in het ijskoude water, maar toch zeer vergenoegd toen zij de bende zagen aftrekken.


Een kogel is recht door den Veerdam gegaan tegen de muur van een huis dat tegenover de Veerdam stond. Op den Veerdam zelf werden verscheidene boomen omver geschoten of geschonden. Een huis op het dorp, bewoond door een schoenmakersbaas, werd geweldig geteisterd en daarboven zijn die menschen verbazend bestolen. Nog meer huizen werden min of meer beschadigd.

17 views0 comments