Middenstand - 1920-1929

De kleine middenstanders. Wat hadden wij er vroeger veel in Papendrecht. Op ieder stukje dijk kwam je er wel 1 tegen. Bakkers, melkboeren, slagers en kruideniers in overvloed. Allemaal van die leuke kleine winkeltjes en bedrijfjes die een eigen verhaal hadden. Het is jammer dat met de komst van de grootwinkelbedrijven, dit stukje nostalgie is verdwenen.

Op deze pagina vindt u een verzameling verhalen voor en door de kleine middenstanders van weleer. 

Heeft u nog een leuk verhaal voor ons? Neem dan contact met ons op!   

arrow&v
arrow&v
Verhaal - oranje.png

1920 - Gerard Viveen - Vishandel

 
Vishandel Viveen aan het oude Veer

Jan Viveen zalmvisser in Woudrichem komt in 1920 vanuit die plaats met vrouw en 7 kinderen naar Papendrecht, in de zalmvisserij was niets meer te doen, en hij besluit bij de scheepswerf van v.d. schuijt te gaan werken, het gezin gaat op de Hogendijk wonen, op aanraden van zijn vader begint zoon Gerard in 1920 een handeltje in vis, als 15 jarige jongen gaat hij op de fiets van de Hogendijk naar boven Hardinxveld om daar zijn vis in te kopen, hij schaft tevens een juk aan waar hij 2 emmers haring aan kan hangen, daarmee trekt hij van deur tot deur.

 

In 1935 verhuisd Gerard, die ook wel GÉCÉ wordt genoemd, en inmiddels getrouwd is, met zijn vrouw naar het oude veer nr 2, ofwel de a337 de voormalige slagerij van pullen, in de kelder van het dijkpand wordt vis gebakken, een klusje waar jan zijn vader graag mee helpt, Gerard ging met zijn bakfiets de dijk op, 1 dag in de week het Oosteind op, en 1 dag in de week tot aan de Hogendijk, hij ging ook regelmatig de polder in, soms tot Ottoland toe.

i286823014284873421._szw1280h1280_.jpg

De verkoop van gebakken vis neemt enorm toe, vader jan gaat naar hendrik ido ambacht om bij een scheepssloperij een driepoot kachel en grote pannen te kopen, dit om meer te kunnen bakken. in 1955 opent Gerard een nieuwe winkel aan het oude veer, op nr 21 om precies te zijn, naast het café van hilgeman, zijn gezin gaat erachter wonen, Gerard had daar ook meer ruimte voor zijn duiven waar hij wedstrijden mee vloog. Gerard viveen met zijn bakfiets zijn tot eind jaren 60, een vertrouwd beeld in Papendrecht geweest, zo stond hij regelmatig op het veerplein bij de poort van aviolanda om daar zijn waar te verkopen, tijdens het haringseizoen was hij natuurlijk in heel Papendrecht te vinden, hij maakte ze schoon waar je bij stond.

Net zoals alle kinderen uit middenstanders gezinnen, waren ook zijn kinderen regelmatig de klos, bas en jan brengen de bestellingen weg, en riet helpt in de winkel, concurrentie is er eigenlijk nooit geweest, hij had alleen last van de weekmarkt op dinsdagmiddag in de muilwijckstraat waar de gebroeders toet uit Scheveningen hun vis verkochten. door ziekte gedwongen, stopt gerard viveen in 1970 de vishandel, en verkoopt het pand aan jan en Dick bakker, van bakker slaapcomfort,  Gerard overlijdt in 1974 aan de gevreesde ziekte.

1920 - Otto Hello - Fotograaf

 
De 1e fotograaf in Papendrecht

Omstreeks 1920 besluit Otto hello voor zichzelf te beginnen als fotograaf, in de schuur achter zijn woning aan de dijkstraat nr 15 richt hij een foto atelier in, hij was hiermee de 1e fotograaf in Papendrecht.

Otto hello trekt er regelmatig op uit, hij ging op de fiets de Alblasserwaard in om boerderijen en families op de foto te zetten, en deze te verkopen.

i286823014283789426._szw1280h1280_.jpg
Het bedrijf wordt groter

Aan het begin van de oorlog krijgt Hello het erg druk, de Papendrechters moesten foto's laten maken voor hun persoonsbewijs, ze stonden daar op de dijkstraat gewoon in de rij.

In 1948 komt zoon Herman in de zaak, Herman wil de zaak groter maken, en het bedrijf verhuist naar bosch 21, de vroegere locatie van Teun twigt, waar men een winkel en een moderne studio inrichtte, Herman ging zich specialiseren in bruidsreportages hij heeft er ruim 4000 gemaakt, en zoals hij zelf zegt "ik heb een abonnement op het gemeentehuis "

i286823014283790844._szw1280h1280_.jpg
Het beruchte stempeltje

Otto Hello zette op alle foto's die hij maakte achterop een stempeltje, met de tekst : Otto hello - fotograaf - dijkstraat 15 - Papendrecht, hij drukte op de achterzijde enkele regels, zodat de foto opeens als ansichtkaart gebruikt kon worden, een hele slimme zet natuurlijk, want in plaats van 1 foto voor de betrokkene zelf, verkocht hij er nu zo'n 20 of meer, men was immers trots dat er een ansichtkaart van hun boerderij of familie gemaakt was, die men kon verzenden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

We zijn inmiddels bijna 100 jaar verder, er zijn nogal wat mensen die ansichtkaarten verzamelen, de kaarten van hello zijn zeer schaars, dus wordt er flink geld voor betaald, maar een ramp voor deze verzamelaars is, dat Otto hello nooit de locatie op de foto of kaart vermelde op de achterzijde van de kaart, alleen maar het stempeltje, er zitten bij verzamelaars veel kaarten in de verkeerde verzameling, men gaat uit van het stempeltje Papendrecht, dus de kaart zal ook wel uit Papendrecht komen, nee dus. regelmatig krijgen wij via deze site vragen hierover, men scant een kaart in mailt hem met de vraag erbij, is dit Papendrecht ?  wij moeten de mensen bijna altijd teleurstellen met het antwoord nee.  wij zijn kaarten tegengekomen van otto hello, die in Sliedrecht, Alblasserdam, oud Alblas, Bleskensgraaf, Molenaarsgraaf en zelfs Brandwijk gemaakt zijn. best wel een groot werkgebied voor een fotograaf die alleen maar een fiets had.

i286823014283789632._szw1280h1280_.jpg
Verhuizing naar de Meent

In 1963 wordt de locatie bosch 21 te klein. men verhuisd naar het nieuwe winkelcentrum de meent, voor Otto hello is dit een moment om te stoppen, en gaat van zijn oude dag genieten, de nieuwe winkel voldoet aan alle eisen, er is een grote studio, het assortiment wordt veel groter, men gaat alles verkopen wat met fotografie te maken heeft.

Er komt steeds meer concurrentie, fotografen vestigen zich in Papendrecht, en papendrechters beginnen zelf een bedrijf, denk maar eens aan Nico Knol en Rinus Schievink, bij de drogisten en de HEMA kon je foto's laten ontwikkelen, daarbij kondigt het digitale tijdperk zich aan, voor Herman Hello is dat het moment om aan stoppen te denken, de kinderen hadden geen zin in het bedrijf, in 1987 sluit Herman de deur van foto hello.

i286823014283817611._szw1280h1280_.jpg

1921 - Koos vd Linden sr - Tuinder

 
Van zaadteelt naar komkommers

v d Linden senior begon in de jaren 20 op de grond achter zijn woonhuis aan het Westeind nr 90 een zaadteeltbedrijf,  later komen ook zijn zoons floor en koos in het bedrijf te werken. Een zaadteeltbedrijf is natuurlijk erg arbeidsintensief, zeer zeker in het oogstseizoen  de knoppen of zaadbollen moesten uit de gewassen gehaald worden en te drogen worden gelegd, het product moest uit de grond, en werd indien nog mogelijk op de groenteveiling aangeboden, meestal lukte dat niet omdat het product door zijn lange groei voos was geworden, in dat laatste geval ging het als veevoer weg, het gedeelte tussen de bloem en product liet men gewoon op het land liggen, of indien die er was de mesthoop op. voor later hergebruik. Geleidelijk aan wordt de zaadteelt afgeschaft, en gaat men over op de producten zelf, in dit geval de groenten, men verkoopt dit via de Dordtse en later toen deze is opgeheven via de Zwijndrechtse groenteveiling.

i286823014285044783._szw1280h1280_.jpg

(bron: B.A. de Lange)

in de jaren 50 gaan de 2 broers samen verder, floor gaat wonen op Westeind 90, en koos koopt de woning oude veer nr 14, tussen bakker boer en de praktijk van tandarts jol de jong, ze besluiten om volledig over te stappen op de teelt onder glas, de zogenaamde platglasbakken, eigenlijk een simpele constructie, 2 betonnen banden in de grond en dan een houten raamwerk met glas er over heen, zodat de temperatuur onder dat glas wat hoger werd, en men de groenten dan eerder kon oogsten, en dus een hogere prijs op de veiling kreeg, men was op zo'n manier de massa voor.

Met de watersnood in 1953, kwam men in de problemen, niet zo zeer qua oogst, het was immers februari en er stond nog niets in de grond, het probleem was dat de houten ramen  met glas waren gaan drijven, wat niet was gaan drijven was zoveel rommel overheen gekomen dat al het glas kapot was, een enorme schadepost natuurlijk. Begin jaren 70 verhuisd floor met zijn gezin naar oud Beijerland waar hij aan de Langeweg een perceel van 3 ha koopt, en begint hier met zijn zoon koos een kwekerij onder glas, de hoge kassen, zijn broer koos verhuisd van het oude veer, naar het Westeind nr 90, en begint daar voor zichzelf, met specifiek de komkommerteelt, het bedrijf groeit gestaag, op een bepaald moment stond het vol met kassen vanaf het Westeind tot aan de p c hoofdlaan toe, de komkommers gingen met vrachtwagens vol richting veiling, menig papendrechter heeft hier met komkommers plukken een leuke zakcent kunnen verdienen.

Koos had als hobby het kweken van cactussen, naast het ketelhuis had hij een kasje gebouwd van zo'n 60 vierkante meter vol met cactussen, die natuurlijk in een ideale omgeving stonden, het was er bloedheet, je bleef er niet lang binnen, maar het was een lust voor het oog. Koos heeft zijn grond verkocht aan de gemeente ten behoeve van de woningbouw, onder andere de schoolstraat en de schooldwarsstraat.

 

Floor zijn kleinkinderen bouwen het bedrijf in oud Beijerland steeds verder uit, momenteel in 2017 ruim 6 ha.

1922 - Boerman sr - Fruithandel

 
De grondlegger

Boerman sr loswerkman in Hardinxveld-Giessendam, verhuisde in oktober 1921 met zijn vrouw en 7 kinderen ( 2 waren er in 1916 overleden aan de Spaanse griep ) naar een woning in het Bosch, achter het toenmalige postkantoor, om van een niet zo solide inkomstenbron, hij was immers loswerkman, te proberen een bestaan op te bouwen in de fruithandel. hij is begonnen met een ventwijk die tot in Oud Alblas liep.

in 1922 huurde hij de winkel op a339 in 1929 huurde hij van de gemeente Dordrecht, een stukje grond aan het veerplein van 6 m3 om hier een kiosk op te bouwen, dit met als doel zijn kinderen later een bestaan te bieden, een goed idee natuurlijk, het was immers na de WO I crisistijd, en werk was moeilijk te vinden.

zijn kinderen de lagere school verlatend hebben moesten allemaal meewerken in het bedrijf. de meisjes werden in de kiosk en later de winkel ingezet, de jongens werden op pad gestuurd in een ventwijk.

i286823014284292019._szw1280h1280_.jpg
De eerste kiosk aan het veerplein

De eerste kiosk werd direct na de strenge winter van 1929 geopend, en werd bemand door de 3 oudste dochters, clara, eva en maaike, en was eigenlijk permanent geopend, als de pont in de vaart was, was de kiosk open. er zat een bepaald patroon in de bezetting, de op 1 na jongste opende de kiosk om 6 uur, zij kreeg in de loop van de morgen assistentie van de jongste, beide werden s''middags afgelost door de oudste, die s"avonds om 10 uur de boel afsloot, en met de opbrengst naar huis kwam, met het aflossen van de wacht, werd ook de nieuwe voorraad gebracht door Boerman sr of 1 van de jongens, die dan ook geruime tijd bleef om te assisteren bij de verkoop, het was immers tussen 5 en 6 uur toptijd, door het uitgaan van diverse bedrijven, die heel veel personeel uit dordrecht in dienst hadden.

Wat begon met fruit, chocolade en sigarettenverkoop, veranderde in de loop der jaren, er werd van alles verkocht, zoals snoep, op zaterdag bloemen want de arbeiders hadden hun geld gehad, men ging de sigaretten per stuk verkopen, want dat bracht meer geld op, kortom men was vreselijk creatief, het mooiste verhaal wat ik uit de overlevering gehoord heb, is dat de dames een fietspomp hadden aangeschaft en vervolgens banden gingen oppompen voor 1 cent per 2 banden, een leuke bijverdienste natuurlijk voor de dames, tot senior er achter kwam, hij ruimde de pomp gelijk op met de opmerking : ik ben een fruithandelaar en geen fietsenboer.

i286823014282725989._szw1280h1280_.jpg
De tweede kiosk aan het veerplein

bij de 2de kiosk ging er het nodige mis, wat was er gebeurt, een overijverige ambtenaar van de gemeentewerken in dordrecht, had een vergunning afgegeven voor de bouw van deze permanente kiosk, echter het college van b & w had nog geen besluit genomen omtrent de verhuur van het stukje grond, foutje dus, een raadslid was hier achter gekomen en had hier de nodige vragen over gesteld, de betreffende ambtenaar werd op het matje geroepen, en kreeg een reprimande.

i286823014282735269._szw1280h1280_.jpg

Naar de buitenwereld werd het afgedaan als : er zijn geen onregelmatigheden geconstateerd, men kreeg een huurcontract voor 5 jaar, toen nog niet wetende dat de W.O.II. er aan zat te komen. Qua bezetting ging men op de oude voet verder, het assortiment werd uitgebreid, met de verkoop van kaartjes voor de pont, er werden kaartjes voor conserten verkocht, er kwamen zuivelproducten bij men ging broodjes met name kentebollen van bakker boer verkopen uit de overlevering gaat een verhaal, dat 1 van de dames verkering kreeg met een dekknecht, ( van de pont wel te verstaan, dat u hier geen verkeerde conclusies uit trekt ) zij had de afspraak met hem dat de pont van 5 uur iets eerder moest vertrekken, zodat de mensen die bij aviolanda werkten moesten wachten op de volgende pont, dit uiteraard met de bedoeling om aan deze mensen het nodige te verkopen.

in de oorlogstijd was het armoede lijden, de ponten waren door de duitsers tot zinken gebracht, de villa peyl was door de duitsers gevorderd om er een of andere post in te zetten, dus de papendrechters kwamen liever niet op het veerplein, de prijskaartjes in de kiosk verdwenen, het was duidelijk dat een duitser meer betaalde als een nederlander, men hanteerde gewoon 2 prijzen, de extra winst ging in de zogenaamde moffenpot.  ver na de oorlog in 1958 na het overlijden van moeder boerman, bij het ontruimen van haar woning, kwamen tot ieders verbazing deze moffenpotten weer te voorschijn, vol met dat zinken geld wat in de oorlog gebruikt werd, met een grijns werd er toen verteld dit is de winst op de duitsers, en piet van rees, de toenmalige foute burgermeester heeft hier ook aan mee betaald, de potten werden verkocht aan een muntenhandelaar, van de opbrengst werd de begrafenis van moeder boerman, die hiervoor niet verzekerd was betaald.

het huurcontract van de grond liep eind 1944 ten einde, de familie heeft besloten om aan het veerplein niet verder te gaan, van de dames waren er inmiddels 2 getrouwd, dus de personele bezetting werd wel erg dun, bovendien had men aan het oude veer een goedlopende winkel, en de grossierderij werd ook steeds groter, het was gewoon prioriteiten stellen, maar ja wat doe je met zo'n kiosk die daar staat, dit probleem loste zich eigenlijk vanzelf op, met de strenge winter van 44/45, de inboedel zoals toonbank, houten stellingen, reclameborden verdwenen naar het woonhuis in het bosch, om daar tot kachelhout verwerkt te worden, geleidelijk aan zag je de kiosk ook kleiner worden, menig papendrechter heeft hier aan mee gedaan, de kachel moest immers blijven branden, net na de oorlog was er niet veel meer over, ja de fundering lag er nog.

De ventwijken

Boerman sr is in 1922 begonnen met zijn ventwijk richting oud Alblas, hij begon daar aan het eind van de veerweg en stopte ter hoogte van de tolsteeg bij Bleskensgraaf, om dan vervolgens via die tolsteeg en het plaatsje wijngaarden, waar hij ook nog enkele klanten had. over de baanhoek terug te keren naar huis. voor de verkoop nam hij altijd 2 van zijn kinderen mee, die moesten gaan aankloppen bij de huizen en boerderijen, want dat werkte sneller, de kinderen hebben daar wat afgelopen, soms wel 6 keer een erf over,  erheen lopen, aankloppen, terug, spullen brengen, terug, en als het tegenzat nog een keer met wisselgeld terug, want senior was zuinig en gaf zijn geld niet graag uit handen.

Eigenlijk had hij zich in het begin, een beetje verkeken op de verkoop, want iedere boer had wel ergens een paar appel of perenbomen op zijn land staan, of een aardbeienveldje, dus kochten zij dit niet, hij had dit al gauw in de gaten, de nadruk werd meer gelegd op het citrusfruit zoals sinaasappels, citroenen etc. vervolgens kocht hij bij de boeren hun fruit op, met name stoofperen, aardbeien en pruimen om die later in Papendrecht weer te verkopen, een rekening kwam hier natuurlijk nooit aan te pas. vervolgens had hij nog 2 ventwijken in Papendrecht 1 in de westelijke richting van A339 deze liep tot einde hogendijk, en 1 in de oostelijke richting tot aan de matena, wat heeft die man een afstanden gelopen, tegenwoordig pak je de auto als je naar een supermarkt 100 meter verder op moet omdat het te ver lopen is.

Met het ouder worden van de kinderen, ging hij zich meer concentreren op de winkel en begon een grossierderij, de ventwijken in papendrecht aan zijn kinderen over latend, dit begon rond 1925 en duurde tot net voor de oorlog, de ventwijk in oud alblas werd niet meer gelopen, hij deed dit af met de opmerking : aan die boeren verkoop je toch alleen maar sinaasappels.

papendrecht was dus verdeeld in 2 wijken, waar men 2 keer per week kwam, in 1925 kwam zijn oudste zoon bart voor dit gebeuren in aanmerking, bij het openen van de nieuwe winkel in 1933 werd hij "vervangen"  door koen en ab, die kort voor de oorlog hiemee gestopt zijn, ab begon een groentewinkel aan de noordendijk in dordrecht, koen begon een groentewinkel in de stevinstraat in scheveningen, bart of in de volksmond bertus heeft heel zijn leven op het oude veer zijn winkel gehad.

je kwam natuurlijk wel eens wat tegen als je zo'n ventwijk liep, wacht dacht u van de boesemsingel , de handkar naar beneden ging nog wel, maar dan weer omhoog is natuurlijk weer een ander verhaal, dat doe je dus maar 1 keer, de volgende keer werd er gewoon een scheepsbel mee genomen en bleef men boven aan de dijk staan. 's Zomers was weer een verhaal apart met het zachte zomerfruit, men moest regelmatig terug om nieuwe voorraad te halen, in die tijd duurde een werkdag gewoon 12 uur als het niet langer was.

i286823014282799253._szw1280h1280_.jpg
De winkel aan het oude veer nr. 3

in 1948 werd het pand oude veer 3 eigendom, met een zware hypotheek erop, zuinig aan doen dus, iedere extra cent die men had werd afgelost, wat niet nodig was gebeurde gewoon niet, verjaardagen in de familiesfeer werden overgeslagen, onder het mom van, wij hebben het te druk, nee, men was gewoon te gierig om daar heen te gaan, het kostte immers geld, er moest een cadeautje gekocht worden en de auto rijdt ook niet op water. Ten tijde van de watersnood liep men tegen een tegenvaller aan, ook het oude veer met de gantel aan de achterzijde liep vol, in de kelders stond zo'n anderhalve meter water, dus men kon honderden kisten fruit die daar opgeslagen stonden weggooien, geluk bij een ongeluk, iedereen zat in de problemen, de boeren zaten met hun vee, wat niet verdronken was, werd op de dijk gestald, de school op het oosteind is hier een mooi voorbeeld van, deze is maanden dicht geweest omdat er koeien in de klas stonden, het voeren van die beesten was een probleem, het hooi en het ingekuilde gras was natuurlijk verdwenen, dus deed men een beroep op boerman om fruit te leveren als veevoer, het moest wel voor een koopje, de familie dit tijdens de watersnood op het oude veer een onderkomen had werd hier voor aan het werk gezet,  achteraf bleek de schadepost nog wel mee te vallen.

Begin jaren 50, net na de watersnood, is men gaan investeren, het werd financieel allemaal wat makkelijker, de kop was van de hypotheek af, er werd een nieuwe auto gekocht bij garage van wijngaarden, een bestelbus van het merk fordson, in het huis werden de ijzeren kozijnen vervangen door hout, zodat men binnen ook eens een keer uit de wind kon zitten, er werd een garage gebouwd op het erf, die tevens dienst deed als opslag, begin jaren 60 werd er een grote koelcel aangeschaft zodat het fruit beter bewaard kon blijven, de diepvries deed zijn intrede, men was 1 van de eerste die diepvriesproducten verkocht, het eerste jaar met kerst, ging men daar flink de mist mee in, er was natuurlijk flink reclame gemaakt, met als gevolg dat er meer dan 100 diepvrieskippen en kalkoenen besteld waren, die natuurlijk op de laatste dag voor kerst pas opgehaald werden, maar ze werden een week voor de kerst al aangeleverd, diepvriezer veel te klein natuurlijk, waar laat je die beesten, gelukkig vroor het en werden ze buiten op het balkon gedumpt, het was geen gezicht, zo lang het bleef vriezen was er niets aan de hand.

 

Het werd steeds drukker boerman had in de loop der jaren een goede naam op gebouwd, zijn redenatie was gewoon : als een klant 's zaterdags wat koopt moet hij het de vrijdag erop nog kunnen eten, dan komen ze vanzelf terug, er kwamen grote klanten bij, zoals de diakonie van de n.h. kerk die de zieken en bejaarden rond de kerst een fruitschaal of doos gaven, het maken gebeurde 's nachts het waren er zo'n 500, dus menig nachtje werd overgeslagen of duurde erg kort.de oude papendrechters zullen zich de zakjes fruit, die ze met koninginnedag op school kregen nog wel herinneren, er werden er tenslotte zo'n 4000 per jaar uitgedeeld, ze kwamen van het oude veer vandaan.ik herinner me nog een voorval uit de strenge winter van 1963, we zitten op een vrijdagmorgen te ontbijten, komt gerrit dekker de aannemer achterom de keuken in, hij begon : boerman ik wil vanmiddag 100 kisten sinaasappels en 100 zakken citroenen hebben in de werkplaats in het westeind, mijn mensen komen toch hun geld halen, krijgen ze gelijk een kist sinaasappels en een zak citroenen mee, want het is afzien geweest van de week voor die mannen, en stuur de rekening maar naar kantoor, want grietje ( zijn vrouw ) hoeft dit niet te weten. zo was de man, die allerlei bijnamen had, bekend stond als een bullebak maar veel voor zijn mensen over had, aviolanda was ook zo'n grote klant, het ging met kisten tegelijk naar de kantine.

De opening van het winkelcentrum de meent in 1963, had eigenlijk geen invloed op de omzet, later toen bas v d heijden de winkel van groenen overnam en een grote supermarkt begon, ging men het merken, en werd het een stuk rustiger, financieel was dit echter geen probleem, het pand was vrij van hypotheek, zelf kreeg hij a.o.w.   boerman is nog enkele jaren door gegaan, deels als hobby, en deels om nog wat te doen te hebben. met het sluiten van de winkel, is men op de bovenste etages gaan wonen, de winkel en kelders verhurend aan een begrafenis ondernemer.

1925 - Maarten Klop - Manufacturen

 
De handel in manufacturen

In 1925 begint maarten klop aan de Kerkbuurt een winkel in manufacturen, maarten begint op de fiets in de polder de boeren langs te gaan met een koffer vol wol, garen, sajet en ondergoed, zijn vrouw doet de winkel, en zit veel achter de naaimachine om flanellen hemden en andere kleding te maken, in de loop der jaren is de winkel die eerst van drogisterij van beek was, verschillende keren verbouwd. begin jaren 60 vindt maarten sr, het welletjes en zijn zoon maarten jr zet het bedrijf voort

Wooninrichting

Zijn zoon maarten jr treed in de voetsporen van zijn vader, en zet samen met zijn vrouw de winkel in de Kerkbuurt voort, de collectie wordt uitgebreid met vloerbedekking, ook worden er bankstellen, kasten, stoelen en tafels en slaapkamermeubilair beddengoed en matrassen verkocht, een gouden greep natuurlijk, want Papendrecht groeide explosief in die jaren, en maarten jr had in de winkel die hij weer had verbouwd een prachtige showroom, het manufacturen gebeuren was bijna geheel verdwenen, hij richtte zich gewoon op de woninginrichting.

Babycentrale

Maarten sr zijn jongste zoon piet opent in 1961 de babycentrale in de g van dalenstraat, in de voormalige winkel van groenteboer smid, en gaat boven de winkel wonen, piet gaat elke week naar het gemeentehuis om bij de burgerlijke stand een lijst met geboortes op te halen, vervolgens haalt hij bij commandeur een bloemetje, stopt er een reclamefolder bij van de babycentrale, en laat dit bezorgen bij de kersverse ouders, piet heeft samen met zijn vrouw in de loop der jaren een goed lopende zaak opgebouwd, het was natuurlijk ook een heel goed idee, om een speciaalzaak in baby artikelen te beginnen.

i286823014285868703._szw1280h1280_.jpg
i286823014285868973._szw1280h1280_.jpg
i286823014285869347._szw1280h1280_.jpg

1925 - Jan vd Linden - Tabakskiosk

 
Jan moest weg

jan van der linden met zijn tabakswinkeltje of eigenlijk was het meer een kiosk, hij werd altijd jantje genoemd, niet zo zeer omdat hij jong was, het had meer te maken met het feit dat hij zo klein was. De meningen lopen sterk uiteen over waar hij nu precies zijn kiosk had, vanuit het Westeind gezien richting oude veer buitendijks kwam je tegen, de scheepswerf van v d esch, de drankenwinkel van schorer, later Theo Romeijn, vervolgens het bloemenwinkeltje van trui leuning, eind jaren 50 begin jaren 60 had kwakernaat hier ook een bloemenwinkel, naast het winkeltje van trui leuning had jantje zijn kiosk, dus eigenlijk op de toenmalige driesprong oude veer, Westeind en veerstoep bij het oude veerhoofd, dit was natuurlijk al lang niet meer in gebruik, ja er werd af en toe een schuit met hooi of zand gelost.

Met de ontsluiting van het poldertje het eiland, en de verbreding van de veerstoep is er in de jaren 30 op die driesprong veel gesloopt, ook de kiosk van jantje, en het brandweerhuisje bleken in de weg te staan, en moesten er aan geloven en vielen ten prooi aan de slopershamer. Jantje verkocht in dat kleine hokje dat hij had, eigenlijk van alles, tabak, snoep, lectuur, al lag de nadruk natuurlijk op tabaksartikelen, hij had daar  zo'n beetje de alleenverkoop van, de kappers die later tabak gingen verkopen waren er nog niet, koos van veen had zijn tabakswinkel er nog niet. dus kon hij er een goede boterham verdienen.

i286823014285225267._szw1280h1280_.jpg

1929 - Huib IJzerman - Rijwielhandel

 
Rijwielhandel IJzerman

Huib IJzerman begon in 1929 aan het Westeind nr 27 een rijwielhandel met werkplaats, en was de grondlegger van het bedrijf, hij nam zijn vader in loondienst. Tony is de eerste van de 3 zoons die in 1946 in het familiebedrijf komt werken, tussen het werken door haalt hij het middenstandsdiploma en het fietsendiploma, dit had hij nodig om fietsen te mogen verkopen, vader Huib had deze papieren niet nodig, dit in verband met zijn leeftijd, net  zoals vele andere kleine middenstanders, die al jaren in het vak zaten, en op leeftijd waren, kreeg hij ontheffing om deze diploma's te halen.

Begin jaren 50 komt Wim de 2de zoon in het bedrijf, hij zorgt ervoor dat er moderne snufjes in het bedrijf komen, tijdens de watersnood in 1953 was er natuurlijk een hoop ellende, het pand en de werkplaats lagen immers buitendijks, met de gantel er vlak achter. Intussen is de bromfiets aan een opmars bezig, de eerste bromfiets komt bij de Papendrechtse motorenfabriek van Rossum vandaan, een andere bromfiets uit die tijd was la poulain, vervolgens kwam de populaire solex in de handel, ijzerman verkocht en repareerde al deze merken.

i286823014284730462._szw1280h1280_.jpg

In de jaren 50 begint men met de verkoop van televisietoestellen, radio's stofzuigers, centrifuges van de merken Philips en erres, dit is echter geen succes geworden, de verkoop was gewoon goed, maar de reparaties leveren problemen op, en er ging nog wel eens wat mis in die tijd, alles stond natuurlijk nog in de kinderschoenen, de firma ijzerman is hier gauw mee gestopt, het was gewoon niet rendabel. Jo de jongste zoon komt begin jaren 60 in het bedrijf, eigenlijk was er voor hem nog niet veel te doen, tot het noodlot toeslaat, Huib ijzerman wordt in 1962 opgeroepen voor een t.b.c. controle bij het doorlichten wordt een vlek op zijn longen ontdekt, hij bleek longkanker te hebben, en overleed in september van dat jaar.

De 3 broers besluiten verder te gaan, de moeder en zussen worden uitgekocht, Tony gaat zich met de verkoop bezig houden, Wim en jo blijven in de werkplaats. Eind jaren 60 deed het aardgas zijn intrede, de gebroeders gaan gaskachels verkopen en verzorgen ook het leidingwerk in huis. In 1983 hebben de ijzermannen het pand van verheuvel een voormalige concurrent op het oude veer die failliet was gegaan gekocht, en er later een stuk aangebouwd is zodat er een prachtige fietsenwinkel ontstond,  op een prachtige locatie. In 1996 neemt henry de zoon van Wim, de zaak aan het Westeind over, Wim en jo stoppen en genieten in Papendrecht van hun oude dag. Tony is iets later gestopt en verhuisd naar zeeland.